Eerste nieuwe huizen aan de Ridderschapstraat met 10-12-14

In 1664 is de Ridderschapstraat aangelegd. Het Ridderschap bedingt bij het stadsbestuur 10 jaar lang vrijstelling van belasting voor nieuwbouw. 

In een periode van zeven jaar staan langs de straat al 21 panden. De huizen Ridderschapstraat 10, 12 en 14 zijn daarvan behouden gebleven. Zij zijn tegelijk gebouwd in het najaar van 1665 door de ‘metselaar’ Gerard Claesz van Milhuijzen, die de ledige erven heeft gekocht van timmerman Gijsbert Hendrikss van Schade. Het zijn in wezen dus rijtjeswoningen uit de 17e eeuw. In 1666 zijn de drie huizen eigendom van Tijman Luyten Decker, een houtkoper aan de Weerd. Waarschijnlijk speelde hij in het gehele project een zakelijke rol. Hij financiert de bouw van zijn toekomstige belegging voor de verhuur. Bij andere huizen in het rijtje wordt hij genoemd als hypotheekverschaffer.
gevel Ridderschapstraat 10 in 1913

De nieuwbouw is een hele verandering voor de buurt. De achterbuurvrouw, Mw. J. de Milan - del Corne sluit met Luyten Decker in 1668 een overeenkomst over een gemeenschappelijke achtermuur: ‘om tegen de hynmuur der 3 genoemde huizinge te mogen timmeren en beplanten tot bevrijding van het gezicht'. Een eigen groen beplante achtermuur is in die tijd ook al een mooier idee dan de inkijk van de achterburen.

De gevel van alle drie de panden zijn waarschijnlijk in de 19e eeuw voorzien van moderne schuiframen en pleisterwerk. Het pand op nummer 10 is het meest origineel gebleven. De spiltrap heeft nog een boom van onder tot boven, waar tijdens de bouw de treden in opgenomen zijn met inmetseling in de muur. Het pand is in 1988 - 1992 langdurig verbouwd en gerestaureerd door aannemer Peter Stigter. Hij heeft het pand op de monumentenlijst van de stad en het rijk gekregen. Alle drie panden zijn inmiddels rijksmonument.

Nummer 12 is in 1937 verbouwd. Firma Roos en van der Kolk uit Rotterdam heeft een grote winkel aan de Wittevrouwenstraat. De opslagruimte wordt bij de winkel getrokken en de bestelwagen kan er niet staan. Daarvoor is Ridderschapstraat 12 gekocht. Het woonhuis wordt omgebouwd tot pakhuis en garage. De tekeningen laten zien wat er met de gevel en de doorsnede van het pand gebeurt:

De gevel krijgt de deuren zoals ze er tot op heden nog inzitten. Alleen op de begane grond is het een roldeur geworden. In het pand is er meer gebeurt.

De indeling op de begane grond is grondig aangepast. De kelder is waarschijnlijk volgestort, de souterrain keuken met tussenverdieping aan de achterzijde is verdwenen. Ook de oorspronkelijke spiltrap is veranderd in rechte trappen met bovenkwart. 

In nummer 10 heeft van 1819 tot 1843 kunstenaar Jonxis gewoond, zijn schoonfamilie Rollot woonde voordien op nummer 12. Ridderschapstraat 12 wordt in de 19e eeuw de woning van de verzekeringsmaatschappij van Ingenegeren, de grondlegger van "De Utrecht". Latere eigenaar Roos en van der Kolk heeft de stad in 1987 verlaten. Het pand verloedert en zou zelfs voor de hasjteelt zijn gebruikt. Gelukkig heeft de nieuwste eigenaar het pand een aantal jaren geleden een keer geschilderd aan de straatzijde en van binnen is er veel vertimmerd voor de vier kamers voor de verhuur. De achtergevel daarentegen bevindt zich in erbarmelijke staat. De eigenaar van nummer 14 is zijn pand helemaal naar de oorspronkelijke indeling aan het terugbrengen, het pand is o.a. een sigarenfabriek geweest en werkplaats van een autobekleder. De restauratie heeft even tijd nodig.

.